GEDICHT VAN DE WEEK

 

 

DE LANNOY (1738-1782)

Het zal de lezer niet ontgaan zijn: de aandacht voor vrouwelijke schrijvers is de laatste tijd groot .

De achttiende eeuw is in het bijzonder te noemen. De biografie van Betje Wolff door Marita Mathijsen is daarvan maar een voorbeeld; ook de inspanningen van Fixdit hebben de interesse voor deze periode[1] aangewakkerd.

Een van de bekendste  schrijvers was Lucretia van Merken[2] in haar tijd zeer geroemd. Ook de dichter van wie hier een gedicht wordt geplaatst was zeer bekend, geprezen door tijdgenoten als Bilderdijk.

Juliana Cornelia de Lannoy (1738-1782) was ervan overtuigd dat de vrouw de gelijke is van de man. De ideale man is niet te vinden zoals geciteerd op deze site.

Naast serieuze tragedies schreef zij satirische gedichten.

Een voorbeeld hiervan wordt hier gegeven: zij beschrijft dat indrukwekkende steden en gebouwen vergaan. Dus mag het geen verbazing wekken dat, hoe lastig ook, een balein[3] van haar rok is afgegaan.

Het gedicht is ontleend aan “Dichtkundige werken”(1780)

 

Enkele, wellicht overbodige, aantekeningen.

 

Regel 3:               Ninive,  van 703 tot 612 v.Chr. de hoofdstad van Assyrië, nu een ruïne.

Regel 5:               Titus Zegeboog, gebouwd in Rome in de eerste eeuw, herhaaldelijk gerestaureerd

Regel 8:               Epheze verwijst naar de tempel oud-Griekse godin Artemis van Efeze.

Regel 9:               Pharos is de vuurtoren van Alexandrië.

Regel 10:            Mauzool is de naamgever var van het mausoleum; het eerste van die soort genoemd naar de grafplaats van  de gouverneur van Carië,  Maussollos in Halicarnassus, nu Bodrum.

[1] Maar ook voor literatuur door vrouwen in het algemeen.

[2] Omdat in mijn bibliotheek geen gedicht kort genoeg om te plaatsen, aanwezig is, is niet voor haar gekozen.

[3] In de tekst als “balijn” geschreven.

REAGEER OP HET GEDICHT