GEDICHT VAN DE WEEK

 

Jacques Perk (1859-1881)

 

AANTEKENINGEN

Regel 1                 ”de moeder van het licht” = ”de zon”

Regel 8                 “aan…gelijken”= “vergelijken met”

 

Toen uw bloemlezer literatuuronderwijs kreeg in zijn gymnasiumtijd, werd de beweging van Tachtig uit de 19de eeuw als het begin gemarkeerd van de nieuwere letterkunde; nadien was alles anders. Dit moge waar zijn, maar het huidige onderwijs en wetenschap legt de accenten anders. In ieder geval zal die beweging als een minder groot breekpunt worden beschouwd dan in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. De Mei van Gorter bijvoorbeeld werd in zijn eigen tijd al door weinigen in zijn geheel gelezen, nu zal dat aantal nog geringer zijn. Maar ook veel lyrische gedichten uit die tijd worden niet meer gelezen.

Ook de naam van de dichter van de week is minder bekend geworden. Jacques Perk (1859-1881) wordt beschouwd als wegbereider voor Tachtig. Zijn  poëzie is vernieuwend, maar leunt toch nog duidelijker tegen de 19de eeuw aan dan die van zijn opvolgers.

Al eerder was hij vertegenwoordigd op deze site (week 46-2014). Toen schreef ik o.a. dat hij “de sonnetten cyclus “Mathilde /een sonnettenkrans”[heeft] geschreven in 1880. Er zijn diverse varianten van die cyclus…. . Perk schreef deze gedichten naar aanleiding van zijn ontmoeting met Mathilde Thomas, die in juli 1879 tegelijkertijd met hem in Laroche-en-Ardenne verbleef. Hij werd verliefd op haar, maar het feit dat zij verloofd was maakte haar onbereikbaar, maar daardoor waarschijnlijk nog een betere bron van inspiratie.

Kloos gaf die [cyclus] uit in 1882 met een uitgebreid voorwoord…. Kloos ging daarbij eigengereid te werk…”

Die uitgave, waaruit  hier het gedicht van de week afkomstig is, wijkt in veel opzichten af van het handschrift. Om een idee van die afwijkingen te geven zijn onderaan de pagina de wijzigingen aangegeven van het oorspronkelijk.

Het gedicht van de week is de opdracht aan Mathilde, een hoofse aanbidding naar middeleeuwse traditie. Kloos heeft het in zijn uitgave als derde gedicht IN de cyclus opgenomen, maar in het oorspronkelijk is het in de proloog geplaatst die VOORAFGAAT aan de cyclus.

 

VERANDERINGEN door Kloos aangebracht

Regel 4                 “bloemeke”, oorspronkelijk “bloemetje”

Regel 11               “zwarte”, oorspronkelijk “donker”

De laatste strofe luidt oorspronkelijk geheel anders namelijk:

“Uw eigen schepping druk ik op uw slapen,

Die geurt door u en voor u geurig werd…

Ik drukte in u een ideaal aan ’t hart”

 

reageer op het gedicht